Wilma Hartogsveld is als pionierende stadspredikant verbonden aan de Stadskerk Nijmegen. Ze bezoekt voor Volzin iconische stadskerken in Nederland om te achterhalen of deze stadskerken, zoals weleens wordt gezegd, de toekomst hebben. Volg hier haar zoektocht.

Mijn tocht langs iconische stadskerken begon in Maastricht en eindigt via Rotterdam, Utrecht en Den Bosch in het centrum van de hoofdstad van ons land. Daar staan in elk geval drie iconische stadskerken: de Oude Kerk, de Nieuwe Kerk en de Westerkerk. In de Nieuwe Kerk worden al decennia geen diensten meer gehouden, de Oude Kerk is het oudste gebouw van de stad en staat in de oudste ‘rosse’ buurt volgens de website van de Oudekerkgemeente.

Het lijkt me heel interessant, maar uiteindelijk kies ik voor de Westerkerk. Niet alleen omdat een oude vriend van mij daar altijd zo lovend over spreekt. Hij volgt de onlinediensten, al woont hij al meer dan zestig jaar niet meer in Amsterdam. Maar vooral omdat deze kerk in tegenstelling tot de eerder bezochte kerken de enige voluit protestantse stadskerk is, waar zelfs niet wordt geprobeerd om een oecumenische uitstraling te hebben.

Interieur

Op een koude zondag in maart vertrek ik om half acht ’s morgens om met het openbaar vervoer op tijd in de Westerkerk te kunnen zijn. De tram stopt vlakbij de ingang van deze 17de-eeuwse kerk, waarvan de karakteristieke, wat frivole toren met de blauwe kroon en de rode wijzerplaten meteen zichtbaar is. Frivool is het interieur van deze kerk zeker niet. Sober, ruimtelijk, licht, functioneel, dat allemaal wel. En prachtig, dat ook. De ontelbare kleine raampjes, het gebroken wit en beige schilderwerk van plafond en wanden en de koperen kroonluchters vormen samen met de eeuwenoude grijze stenen vloer en een aantal eikenhouten elementen een rustgevend geheel.

De contrasterende roodbeklede stoelen zijn allemaal gericht naar het middelpunt van deze kerk: een robuuste eikenhouten preekstoel met daarvoor een vrij kleine eikenhouten tafel met daarop een koperen bal met lezenaar. Er is behalve dit centrum maar één ding waar je oog ook naartoe getrokken wordt: het orgel, dat in tegenstelling tot de rest van het interieur wel wat tierelantijntjes heeft en waarvan de luiken fraai beschilderd zijn. De Westerkerk is in tegenstelling tot de meeste iconische stadskerken niet gebouwd als een rooms-katholieke, maar meteen als protestantse kerk. Daarin gaat het niet om de eucharistie, maar om het Woord en (orgel)muziek.

Soberheid

Er zit al een aantal mensen op de stoelen en ook ik neem plaats en kies voor een plek recht tegenover de preekstoel. De kerk vult zich met prachtige orgelmuziek en met een kleine honderd mensen die, al is de anderhalvemeterregel inmiddels afgeschaft, behoorlijk verspreid gaan zitten. Behalve een gezin met twee kinderen, zijn de meeste bezoekers zestig plus. Tegen half elf komt de dominee binnen, herkenbaar aan een lichte toga, met een paarse stola en geflankeerd door twee vrouwen, misschien kerkenraadsleden?

Frivool is het interieur van deze kerk zeker niet. Sober, ruimtelijk, licht, functioneel, dat allemaal wel

Wilma Hartogsveld

Het eerste lied is een door deze gastvoorganger bewerkte tekst van een bekend lied. Verderop in de dienst wordt een lied gezongen dat geschreven is door de huidige predikant van de Westerkerk. De dienst past goed bij het gebouw: sober, echt protestants, alle accent ligt op Bijbeltekst en -uitleg en de strofische liederen die door de gemeente, begeleid door het orgel, worden gezongen. De soberheid wordt onderstreept door de temperatuur in de kerk; die is echt onaangenaam laag omdat de verwarming dienst weigert, aldus de dominee. Er zijn geen acclamaties, er is geen beurtspraak, en er is ook geen lector of kerkenraadslid dat iets zegt of doet. De aandacht is volledig gericht op de dominee, die een in mijn oren verantwoorde, maar niet heel verrassende of actuele preek houdt.

Een gevoel van dankbaarheid borrelt in me op, dat ik voorga in kerken waar de viering door meer mensen gedragen wordt dan alleen de voorganger en waar het accent minder op de preek valt, omdat de liturgie al zo rijk is. Maar wellicht komt dit ook door de enorme overgang van de kathedraal in Den Bosch, waarin alle zintuigen werden geprikkeld, naar deze bijeenkomst waarin het geloof inderdaad zoals Paulus al schreef ‘uit het gehoor’ moet komen.

‘Vreemde kerkgangers’

Na afloop van de dienst loop ik met de andere kerkbezoekers richting de koffietafel. Terwijl ik staande de eerste slokken van de lekkere warme koffie drink, kijk ik om me heen. Als ik hier niet met een missie was, zou ik me waarschijnlijk wat verloren voelen. Niemand lijkt me op te merken, misschien zijn hier altijd veel ‘vreemde kerkgangers’? Ik spreek een jonge man aan en vraag of hij tijd heeft om even na te praten. We zoeken een plekje waar het zonlicht naar binnen valt. Misschien is het daar iets warmer.

Wilma Hartogsveld: 'De schoonheid van de lichtinval is vandaag indrukwekkend'© Wilma Hartogsveld

Tijdens het gesprek wordt nog maar eens onderstreept hoe verschillend mensen zijn. Mijn gesprekspartner is hier acht jaar geleden een keer tijdens een kerstdienst naar binnen gelopen en voelde zich hier heel prettig, juist omdat niemand hem aansprak. “Ik zat lekker anoniem achter een pilaar en dat ben ik nog een hele tijd blijven doen.” Hier geldt dat je zelf initiatief moet nemen als je mensen wilt ontmoeten of leren kennen en dat vindt hij fijn. Hij is student Cultuurwetenschappen en voelt zich ook thuis in de Westerkerk vanwege de liberaal-protestantse insteek.

Waar ik de liturgie wat kaal vind, is hij juist er juist aan gehecht. “Een feest van Woord en muziek”, zegt hij glunderend. De maandelijkse cantatediensten die hier al sinds halverwege de vorige eeuw worden gehouden zijn een prachtige, laagdrempelige manier om mensen van buiten te laten kennismaken met de kerk en het geloof. Hij belooft me nog een paar artikelen toe te sturen die hij schreef over deze kerk en dan moeten we afscheid nemen, want de kerk gaat sluiten. Vandaag dus geen kans om toevallige bezoekers te interviewen of zelf de tijd te nemen om in dit gebouw rond te dwalen, maar ik kom daarvoor zeker terug.

Ware menselijkheid

Een paar weken later bezoek ik de kerk op een vrijdag. Maar voordat ik binnenga loop ik eerst een rondje om de kerk. Het homomonument wordt ook op deze ochtend goed bezocht. Drie roze driehoeken vormen samen een grote driehoek. Wat mooi is dit, een monument voor homo’s die in de Tweede Wereldoorlog en sindsdien zijn omgekomen en vernederd. En ook mooi dat dit monument zo dicht bij de Westerkerk ligt, waar het liberaal-protestantse geloof wordt uitgedragen.

Aan de andere kant van de kerk staat nog een monument, dat van Anne Frank. Fier staat ze op haar sokkel met haar handen op haar rug, maar ongebroken. Het lijkt wel alsof deze beide monumenten die de kerk omgeven haar steeds weer terugbrengen bij haar essentie: het hooghouden en uitdragen van de ware menselijkheid in het licht van Gods liefde. Bij binnenkomst in de kerk zie ik dat er deze dagen een kleine expositie in de kerk te zien is: ‘Kerken en slavernij, heilzame verwerking slavernijverleden’. Een goed idee om die tentoonstelling naar deze kerk te halen waar zichtbare en onzichtbare dingen herinneren aan de tijd waarin de kerk niet alleen het onrecht van de slavernij sanctioneerde, maar ook profiteerde van slavenhandel en kolonialisme. Tot mijn verbijstering lees ik op één van de informatiebordjes dat mijn collega-predikanten in Suriname destijds werden betaald in slaven…

Na het bekijken van de tentoonstelling blader ik door wat boeken in een hoek die is ingericht als een winkeltje. Ook deze passen inhoudelijk bij het liberale christelijke karakter van deze kerk. Intussen hoor ik dat de man die bij een tafeltje met een paar koffiekannen staat, een nogal flauwe 1 april-grap uithaalt met één van de oudere dames die het winkeltje bemensen. Zij en haar collega barsten in lachen uit en complimenteren hem uitgebreid met zijn grap. De man die duidelijk ‘afstand tot de arbeidsmarkt’ heeft, geniet, evenals de beide dames. Eén van hen vertelt me even later trots en met een onmiskenbare Amsterdamse tongval allerlei wetenswaardigheden over ‘haar Wester’, die voor haar als een tweede thuis voelt. Niet in de laatste plaats omdat hier iedereen voor vol wordt aangezien, zegt ze. Ze drukt me een paar dunne boekjes over de kerk in de hand en wijst me dan naar de deur waarachter onder andere de werkkamer van de dominee is, met wie ik heb afgesproken.

Open kerk

Herman Koetsveld is hier ruim twee jaar geleden begonnen als predikant. Vlak voordat corona uitbrak, dus geen gemakkelijke start. Maar hij heeft er het beste van gemaakt en de YouTube-filmpjes die ze in die tijd maakten, hadden een enorm bereik. Gelukkig kan er nu wel weer gevierd worden en kan de kerk weer een echte plek van ontmoeting zijn voor velen. Herman vertelt honderduit en de tijd vliegt voorbij tijdens ons hartelijke gesprek dat regelmatig alle kanten op gaat. De Westerkerk wordt beheerd door de wijkgemeente zelf, vertelt hij met trots. En dan ontroerd: “Er zijn mensen die zich met zoveel hartstocht en toewijding voor deze kerk inzetten, zonder hen zou het allemaal niet mogelijk zijn.” Terwijl hij een aantal dingen uitlicht die al gebeuren in en rond de kerk en die hij graag zou willen opzetten, valt me opnieuw op dat deze kerk er echt werk van maakt om ‘open kerk’ te zijn. Behalve maaltijden voor alleengaanden en studenten staat er ook een maaltijd met moslims gepland bij de iftar, tijdens de ramadan, samen met het studentenpastoraat.

Behalve maaltijden voor alleengaanden en studenten staat er ook een maaltijd met moslims gepland bij de iftar, tijdens de ramadan

wilma hartogsveld

Toen de KRO/NCRV vroeg of ze de Westerkerk tijdens de 25ste Pride Amsterdam van binnenuit helemaal met regenboogkleuren mochten verlichten, werd daar meteen positief op gereageerd. De foto’s zijn schitterend en ik geloof dan ook meteen dat de kerk destijds volstroomde met mensen die een kaarsje aanstaken. Natuurlijk is het niet alleen een succesverhaal in de Westerkerk. Neem nu de tentoonstelling over kerk en slavernij. Daar hadden ze twee bijzondere bijeenkomsten bij georganiseerd, met de bedoeling mensen met elkaar in gesprek te brengen over dit controversiële onderwerp. Een avond met ‘liederen uit de diepte’ gezongen door musicalzanger en acteur Giovanni van Gom die liederen zong uit de slaventijd. En een avond met een lezing en nagesprek over de erfenis van het slavernijverleden met Humphrey Lamur. “Het lag echt niet aan de PR”, aldus de wat teleurgestelde dominee, “maar er kwamen maar weinig mensen op af.”

Over de mijns inziens extreme soberheid van de liturgie zegt hij dat het ontbreken van ‘vrome frasen’ ook ruimte geeft. Dat past dan weer wonderwel bij de lichte ruimte van dit gebouw. En voor wie ernaar verlangt in deze kerk even boven het alledaagse uit te stijgen: die moet vooral komen luisteren naar de cantatediensten en orgelconcerten waar Bach, gespeeld door de weergaloze organist Evan Bogerd, mensen tot hemelse hoogte weet te brengen.

Brandend braambos

We nemen afscheid en ik dwaal nog even door de kerk. De schoonheid van de lichtinval is vandaag inderdaad indrukwekkend en dat wordt ook opgemerkt door de toeristen die de kerk binnenlopen en meteen hun pas vertragen, terwijl ze om zich heen kijken. Bij het ‘brandende braambos’, de wat vormgeving betreft behoorlijk uit de toon vallende constructie met ontelbare koperen blaadjes waarop je een kaarsje aan kunt steken, staan een aantal mensen die dat ook doen. Nee, mooi vind ik het eerlijk gezegd niet, maar als ik lees wat de achtergrond ervan is, ben ik toch geraakt: “Juist in een tijd waarin tegenstellingen op religieus en maatschappelijk terrein zich sterk kunnen laten gelden, verbeeldt het Brandend Braambos wat christelijke, joodse en islamitische tradities met elkaar verbindt: een universeel menselijk verlangen om het onbenoembare te ervaren en het onbereikbare nabij te brengen.”

Ik spreek nog met een aantal bezoekers van de Westerkerk, met name mensen die op een toeristische ronde door de stad deze deur niet voorbij wilden gaan en wandel dan richting het Centraal Station. Achterom kijkend probeer ik nog een mooie foto van de Westerkerk te maken met de Westertoren, maar het lukt me niet om de kerk zonder de bouwput waar aan stadsvernieuwing wordt gewerkt erbij op te krijgen. Misschien is het wel tekenend voor de manier waarop in dit bastion van protestantisme ook ruimte voor vernieuwing aanwezig is.

Verrijkend en verrassend Terugkijkend op mijn bezoek aan vijf iconische stadskerken kan ik zeggen dat het verrijkend en verrassend was. Ja, iconische stadskerken hebben de toekomst volgens mij en niet alleen omdat die gebouwen de tand des tijds nog wel even zullen doorstaan. Ook omdat ze in staat zijn om ieder op een eigen manier mensen iets te laten ervaren dat hen uittilt boven de waan van de dag. Er zullen altijd mensen zijn die zich met vreugde inzetten voor zo’n gebouw en de gemeenschap die er samenkomt. Het hoeft niet ‘voor elk wat wils’ te zijn, heb ik geleerd. De kracht kan juist ook zitten in een uitgesproken ‘rooms-katholiek’ of ‘protestants’ profiel.

Inmiddels ben ik alweer bijna een jaar parttime stadspredikant van de Stevenskerk in Nijmegen. Op het moment dat ik dit schrijf zijn we bezig om op verzoek van de Oekraïense vluchtelingen in Nijmegen een Paasfeest met en voor hen te organiseren in de Stevenskerk. Inspelen op wat er gaande is in de stad lijkt me een mooie uitdaging voor deze prachtige kerk, die dit jaar 750 jaar bestaat. De aankomende tijd ga ik vast en zeker nog op bezoek bij andere iconische stadskerken. De Oude Kerk in Amsterdam staat nog op het verlanglijstje bijvoorbeeld. Er is nog zoveel te ontdekken en te leren.

Wilma Hartogsveld is predikant, pionier en auteur. Voor meer informatie: www.wilmahartogsveld.nl.