Wat voor een lezer bent u?

“Ik ben een hapsnaplezer. Ik lees drie of vier boeken tegelijk. Soms zie ik in de boekhandel iets liggen wat mij raakt. Dan liggen er al gauw meerdere boeken open op mijn tafel. Het is als een doosje bonbons, welke zal ik kiezen? Maar een roman  lezen… daar kan ik in wegzinken. Dan ben ik voor uren verkocht.”

Wat zegt uw boekenkast over u?

“Ik kijk als ik ergens op bezoek ben graag in boekenkasten van anderen. Zeg mij wat er in je kast staat en ik zal zeggen wie je bent. Wat ik nog aan boeken heb staan, is een ‘allegaartje’. Mooier gezegd: een diversiteit aan titels rond allerlei thema’s. Praktische theologie overheerst. Ik heb ook veel boeken over spiritualiteit, eigentijdse bijbelexegese en boeken over economie, kunst en politiek. Op één plank staan geen boeken. Wel foto’s van mijn ouders, kinderen en kleinzoon. Daarnaast ook wat prullaria zoals een houten doosje. Daar is in het deksel het woord ‘God’ uitgesneden. In het doosje zelf zit niets. Terecht, want God is een geheim.”

U was betrokken bij het televisieprogramma Met hart en ziel over zingeving en vele andere onderwerpen. Is uw boekenkast ook zo divers qua onderwerpen?

“Ik bepaal mijn boekenkeuze vooral door waar ik mee bezig ben (geweest). Zo werkte ik zes jaar in een huis van cultuur en ontmoeting. Daar organiseerde men bijvoorbeeld themadagen over leiderschap. In Baarn was ik na mijn emeritaat interim-predikant en betrokken bij een nieuw zingevingshuis. Zo’n project vraagt om kennis over wat er speelt rond zingeving en spiritualiteit. Je moet je verdiepen in wat er speelt in de samenleving. Dan wil je je laten inspireren door boeken die je verder brengen.

Jos van Oord
De boekenkast van Jos van Oord © KRO-NCRV

In mijn boekenkast is ook veel ruimte voor de actualiteit. Eén van mijn overleden vrienden was een trouwe luisteraar van mijn preken. We lazen allebei graag opinieweekbladen. We gokten dan welke artikelen ik zou gebruiken als inspiratiebron voor mijn preken en met welk Bijbelverhaal ik dat zou combineren. Hij schoot vaak raak.”

U bent onlangs kleiner gaan wonen. Daardoor moest u vijf kasten met boeken  wegdoen. Vertel…

“Kleiner gaan wonen is ontspullen. Dat is moeilijk voor mij. Heel lang had ik twee planken vol met alle commentaren op de Bijbel. Zwarte boeken met gouden letters! Ik las ze nooit meer. Ik heb ook heel lang het verzameld werk van professor Van Ruler bewaard. Vanuit zijn theologie duidde hij wat er gaande was in de samenleving. Maar zijn werk nam veel ruimte in, dus gaf ik zijn werk weg. Ik leefde lang met het idee dat een predikant veel boeken moet hebben. Met het verdwijnen van pastorieen moet menig predikant het met minder boeken stellen. Uiteindelijk draag je veel mee in je hart en in je hoofd. En eerlijk gezegd haal ik voor mijn preken vaak meer uit datgene wat ik meemaak dan uit mijn boekenkast.”

U inspireerde uw zus Inez bij haar boek Rebible – ontdekking van vergeten verhalen. Hoe kijkt u terug op deze samenwerking?

“Het was prachtig met mijn jongste zus Inez te praten over de door haar vergeten Bijbelverhalen. Ze had in onze jeugd niets met geloof en kerk. Haar interesses lagen elders. Totdat er in haar leven ruimte kwam om terug te gaan naar haar gereformeerde roots. Ze sprak vanuit haar spirituele achtergrond bij het door haar opgerichte blad Happinez en ik vanuit de theologie. Zo sloegen we een brug naar elkaar. Zo ontstond uit onze gesprekken Rebible.

Jos van Oord

Inez gaf mij een open, frisse en verrassende kijk op Bijbelverhalen. Zij duidde de slang in het Paradijs als symbool voor verandering, als een overgang naar een ander bewustzijn. Een slang gooit zijn huid af en begint een nieuw leven. Net als Adam en Eva. Ik hielp haar bij het afblazen van de stof van de Bijbel. Zo was ze verrast over de naam van God in de Bijbel. De vertaling van de godsnaam is zoiets als ‘Ik Ben’. Ze dacht hierbij terug aan oosterse religies die ook bekend zijn met deze duiding van de Godsnaam. Ze was er enthousiast over!”

In Petrus schreef u onlangs brieven aan uw kleinzoon Abel. U overdenkt daarin het geschenk van opa worden, de wereld waarin hij terecht komt en het leven dat op hem wacht. Welke boeken wilt u hem op zijn levensreis meegeven?

“Er staan al wat boeken klaar voor mijn kleinzoon. Bijvoorbeeld een nieuwe uitgave van De Kleine Prins van Antoine de Saint-Exupéry. Dat boekje vertelt hem dat je met je hart veel meer kunt zien. Ik heb ook veel boeken van de schrijver Toon Tellegen. Ze voeden de broodnodige verbeelding. Ik las ze destijds voor aan mijn twee zonen. Ook heb ik voor Abel nog wat kinderbijbels, zoals Woord voor Woord van Karel Eykman. Met zijn hervertellingen van de Bijbel krijgt hij vast liefde voor die oude verhalen.”