Onlangs was ik bij ‘Vreemde Gasten’, een evenement in Amersfoort van kunstenaars die hun werk en zichzelf te kijk zetten in huizen en interieurs waarin ze gast zijn. Ik had al veel moois gezien toen ik dacht: nu ook maar even naar dat oude klooster dat al zo lang geleden verlaten is. Na een aantal mooie kunstkamers kwam ik op de zolder terecht waar het rommelig was. Er hingen slechts enkele op papier gekopieerde zwartwit-foto’s, provisorisch vastgeprikt met speldjes. In het midden van de zolder zag ik rugzakken, apparatuur en wellicht tijdelijk bivakkerende mensen. 

Meteen werd ik getroffen door een kleine zwartwit-foto van een gezichtje dat mij vanaf de overkant aankeek. De eerste keer die dag dat er in mij iets werd aangeraakt, iets dat vanuit de leegte en de stilte haar kans greep. Geïnteresseerd in wat ik zag schuifelde ik stilletjes wat rond totdat er van de andere kant aarzelend een knappe in blauwe sluier gehulde vrouw naar mij toe kwam met een vragende blik: wat ik hier kwam doen. Zo werden we samen vreemde gasten van een kloosterzolder, die niet veel Engels spraken maar genoeg voor ‘de kunst van niet-weten’. Bovenstaande foto maakte ik van haar en haar prachtige foto.

Deze vrouw, Maram Alsalahi, bleek de foto van haar kind gemaakt te maken. Ze is laborante, getrouwd met een ingenieur en uit Jemen gevlucht om de toekomst van hun kinderen. Na verblijf in verschillende AZC’s woont het gezin nu in een echt huis in Hilversum. Ze willen eerst goed Nederlands leren en dan studeren. “My dream is to study masterphotography”, vertelde Maram me. Dat begon allemaal met die zwartwit-foto van haar dochter nadat zij had gehuild.

De eerste keer die dag dat er in mij iets werd aangeraakt, iets dat vanuit de leegte en de stilte haar kans greep

gert bremer

Mensen reageerden enthousiast op deze foto en zo raakte Maram in den vreemde bevlogen voor iets totaal nieuws. “You know: photography is good for my soul: it relaxes me and I want to photograph other refugees.” En dus moest ze oefenen, oefenen en oefenen: een woord dat vaak viel en er al zo Hollands uitkwam bij onze eerste ontmoeting.

Vreemde gasten kunnen dichtbij komen en krijgen hart en ziel als je ze vrij kijkt van journaals, kranten en niet in de laatste plaats je eigen oordeel. Ik word er lichter van en vrij.

Gert Bremer is musicus, monnik, zenleraar en zenboeddhist. In 2018 verscheen zijn boek Laat mij maar zingen – Psalmen na geschreven.