“Of ze nu wonen in Gaza, Oost-Jeruzalem en de rest van de Westelijke Jordaanoever, of Israël zelf, de Palestijnen worden behandeld als een minderwaardige etnische groep en systematisch beroofd van hun rechten”, vertelde Agnès Callamard, secretaris-generaal van Amnesty, in een toelichting bij het 278 pagina’s dikke rapport.

Daarin concludeert de mensenrechtenbeweging dat Israël massaal beslag legt op Palestijns land en bezit, onwettige moorden pleegt, de vrijheid van beweging drastisch beperkt en Palestijnen als een demografische bedreiging ziet.

Een van de vele voorbeelden die Amnesty noemt is de inbeslagname en sloop van vele Palestijnse huizen in de wijk Sheikh Jarrah in Jeruzalem. Vorig jaar leidde de situatie in Sheikh Jarrah tot massaal Palestijns verzet. De Israëlische reactie hierop kostte meer dan tweehonderd Palestijnen het leven - waaronder meer dan zestig kinderen.

“Het Westen is medeplichtig”

Volgens internationaal recht komt de houding van Israël neer op apartheid, stelt Amnesty, dat voor dit rapport gedurende vier jaar Israëls beleid en handelen analyseerde. Het Verdrag tegen Apartheid en het Statuut van Rome noemen als kenmerken van apartheid onwettige moorden, marteling, gedwongen verdrijving en het ontkennen van basale rechten en vrijheden.

De opstelling van Israël in de bezette Palestijnse Gebieden voldoet het best aan deze kenmerken, maar ook in Israël zelf is er sprake van apartheid, vindt Amnesty. Het noemt als voorbeeld hoe in 2018 en 2019 het Israëlische leger 214 burgers, waaronder 46 kinderen, doodschoot omdat ze demonstreerden in Gaza bij de grens met Israël.

Amnesty roept het Internationaal Strafhof op de daders van het apartheidsbeleid te berechten. De Verenigde Naties moet aangenomen resoluties die Israël ook gaan implementeren - wat nu volgens Amnesty niet het geval is.

De VS, de EU en haar lidstaten en het VK moeten maximale diplomatieke druk uitoefenen op Israël om dat land te bewegen het apartheidssysteem te ontmantelen. Door hun steun aan Israël zijn westerse landen volgens Amnesty medeplichtig.

“Vage definitie van apartheid”

Amnesty staat niet alleen. In 2021 concludeerde de Israëlische mensenrechtenbeweging B’Tselem dat het Israëlisch beleid als doelstelling heeft “de joodse suprematie van de Jordaan tot de Middellandse Zee” af te dwingen.

Ook Human Rights Watch stelde vorig jaar dat de situatie in Israël neerkomt op apartheid. En The Guardian constateert dat ook steeds meer Amerikanen ervan overtuigd zijn dat Israël een apartheidsstaat is.

De Israëlische regering keurde het rapport van Amnesty af nog voor het was gepubliceerd. “Amnesty citeert leugens verspreid door terreurorganisaties”, stelde minister van Buitenlandse Zaken Yair Lapid. Hij beticht Amnesty van antisemitisme.

In Nederland krijgt de regering van Israël steun van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI). Dat centrum beschuldigt Amnesty van het hanteren van een “eenzijdig frame, waarbij geen plaats is voor de Joodse staat”.

“De framing van Israël als een “apartheidsstaat” is niet alleen onjuist, maar refereert ook naar een vaag gedefinieerd begrip en in ieder geval niet naar het bekende Zuid-Afrikaanse apartheid”, reageert CIDI-directeur Hanna Luden.

“Militair regime”

The Rights Forum prijst Amnesty juist en noemt het rapport het resultaat van “vier jaar gedegen onderzoek”.

Een Ander Joods Geluid richt haar kritiek vooral op het CIDI: “Rapporten van B’Tselem, van Yesh Din - Israëlische ngo’s - waarin Israël als apartheidsstaat wordt gekarakteriseerd - CIDI zwijgt ze dood of wuift ze weg. Wat is het CIDI eigenlijk meer dan een propaganda-instituut van de Israëlische regering in Nederland?”

Breaking the Silence, een organisatie van Israëlische veteranen, reageert positief op het Amnesty-rapport. “Net als vele duizenden andere Israëli’s die hun diensttijd hebben doorgebracht in de bezette gebieden, weten ook wij de onweerlegbare feiten: We houden inmiddels al 55 jaar miljoenen Palestijnen onder een militair regime, zonder hen basale rechten toe te kennen.”

Dat de Israëlische regering Amnesty nu van antisemitisme beschuldigt is volgens Breaking the Silence een belediging voor slachtoffers van “daadwerkelijk antisemitisme”.

“Gemene aanvallen”

Donderdag verdedigden dertien Israëlische ngo’s het rapport van Amnesty. Daaronder waren ook B’Tselem en Breaking the Silence. Ze spreken van “gemene aanvallen” op Amnesty naar aanleiding van het rapport.

De dertien richten hun kritiek vooral op de Israëlische regering. “Israël wordt niet gehouden aan een andere maatstaf - maar blijkbaar wil de regering van Israël aan geen enkele maatstaf gehouden worden.” Ze benadrukken dat Amnesty onbevooroordeeld is en uiten een waarschuwing: “Veel van de meest vooraanstaande kenners van het joodse leven, de geschiedenis en de vervolging hebben gewaarschuwd: de strijd tegen antisemitisme in de wereld wordt verzwakt door het ondraaglijke, onnauwkeurige en geïnstrumentaliseerde gebruik van de beschuldiging van antisemitisme voor politieke doeleinden, om debat over het onderdrukkende beleid van Israël jegens de Palestijnen te vermijden.”