Op verzoek van bisschop Gerard de Korte leidde ik op 17 mei 2018 een gesprek tussen de priester-dekens van bisdom ’s-Hertogenbosch en het Werkverband van Homopastores. Het gesprek loste een belofte in die De Korte had gedaan toen hij een jaar eerder de oecumenische viering op Roze Zaterdag in de St. Janskathedraal moest afgelasten vanwege anti-homoprotesten. Onderwerp was hoe de priesters omgingen met homoseksualiteit in hun parochies. Maar al snel brachten de priesters van het Werkverband de eigen seksualiteit in. Open zijn over je eigen seksualiteit beschouwden zij als voorwaarde voor een gezond pastoraat. De overige priesters verscholen zich achter het celibaat als ontsloeg het hen om over seksualiteit of geaardheid te spreken. Als maakte het hen aseksueel.

Geen bescherming

In de tien jaar dat ik als secretaris van de Konferentie Nederlandse Religieuzen het dossier seksueel kindermisbruik onder mijn hoede had is me duidelijk geworden dat hoeveel celibaatsgeloftes of geloftes van kuisheid er ook worden afgelegd, dit niemand beschermt tegen zijn (of haar) seksuele verlangens, voorkeuren of verleidingen.

Onnatuurlijke regulering van seksualiteit kan tot psychische problemen leiden, zelfs tot misdrijven. Het celibaat, opgevat niet slechts als ‘ongehuwde staat’ maar ook als verplichting af te zien van al dan niet zelfgeïnitieerde orgasmes (zo verklaarde Antoine Bodar voor de televisie dat hij zich omwille van het celibaat nooit meer ‘toucheerde’), ís zo’n onnatuurlijke regulering. En kindermisbruik is zo’n misdrijf.

Nu bestaat er geen één op één relatie tussen celibaat en kindermisbruik. Daarmee zou men de 99 procent priesters, geestelijken en religieuzen die kinderen nooit met ook maar één vinger hebben aangeraakt, onrecht aandoen. Maar als het ene procent misdadigers dat zich aan kinderen heeft vergrepen samenhangt met de gemankeerde seksuele opvoeding en moraal van de Kerk, is dat wel degelijk een signaal. Een ander voorbeeld van krampachtige moraal is het verbieden van homoseksuele relaties.

Als het ene procent misdadigers dat zich aan kinderen heeft vergrepen samenhangt met de gemankeerde seksuele opvoeding en moraal van de Kerk, is dat wel degelijk een signaal

Patrick Chatelion Counet

Spectaculaire momenten

Februari en maart 2021 telden twee spectaculaire momenten in het homoseksuele kerkelijke leven. Op 12 februari werd pastoor drs. Pierre Valkering, auteur van de homoseksuele priesterautobiografie Ontkleed niet naakt staan (2019), door het bisdom Haarlem-Amsterdam met een deurwaardersexploot gesommeerd zijn pastorie van de Vredeskerk in Amsterdam te ontruimen. Valkering was “niet vanwege zijn homoseksuele geaardheid”, liet bisschop Jan Hendriks weten, “maar wegens celibaatsschending en ongehoorzaamheid als pastoor ontslagen en als priester gesuspendeerd”.

Een kleine maand later werd in de protestantse kerk van Monnickendam dominee Alexander Noordijk (45 jaar) tot predikant bevestigd. Noordijk studeerde theologie in Ede, werd door zijn kerk in een homogenezingstraject gestopt (conversietherapie), kwam daar versterkt als homoseksueel uit en huwde met zijn man Kai (“(…) mijn kerk is anders gaan denken over homoseksualiteit”). Hij verruilde IJburg-Amsterdam waar het echtpaar door jongeren werd geterroriseerd, zelfs levensbedreigend, voor de Grote Kerk in Monnickendam.

Drie conclusies

Drie conclusies. 1) De Nederlandse samenleving is nog altijd niet bevrijd van homohaat. 2) De protestantse kerk is grotendeels toleranter geworden en laat in sommige kerken homoseksuelen toe in het ambt. 3) De RK Kerk voert nog altijd de grootste worsteling met homoseksualiteit en ontkent dit door het verbod aan te scherpen.

Valkering strijdt in zijn boek tegen de hypocrisie van de kerk. Hij bekritiseert The Gift of the Priestly Vocation van de Congregatie voor de Clerus dat het anti-homobeleid van Benedictus XVI bevestigt: “De bewuste personen [homoseksuelen]”, stelt dit document uit 2016, “bevinden zich feitelijk in een situatie die een correcte omgang met zowel mannen als vrouwen zwaar blokkeert” (§ 199). Homoseksualiteit is een beletsel voor de priesterwijding: “… homoseksuele neigingen moeten tenminste drie jaar voor de wijding overwonnen zijn” (§ 200). Valkering wijst erop dat dit een ontkenning is van het recht op een homoseksuele leefwijze én van de bestaande werkelijkheid dat meer dan de helft van de priesters in de RK-kerk homoseksueel is.

Redenen waarom de RK Kerk disproportioneel veel priesters kent met homoseksuele oriëntatie zijn er meerdere. Seksuele desinteresse voor vrouwen is door jonge mannen vaak uitgelegd als roeping tot het sacrament van het priesterschap. Een andere belangrijke reden is dat er in de jaren zestig, zeventig en tachtig van de vorige eeuw vele heteroseksuele priesters uittraden teneinde te huwen. Alleen al in de Verenigde Staten verlieten zo’n twintigduizend priesters het ambt. Daarmee lieten ze de homoseksuele priesters voor wie het homohuwelijk destijds nog taboe was in grotere getale achter.

Frédéric Martel (Sodoma, Amsterdam 2019) wijst op de gevaren van een disproportioneel aantal homoseksuele priesters in de kerk. De anti-homo houding van de RK Kerk stamt merkwaardig genoeg van homoseksuele en tegelijk zeer homofobe prelaten. De homoseksuele kardinaal Pietro Parolin, staatssecretaris van Benedictus XVI, noemde het homohuwelijk een “nederlaag voor de mensheid”.

Misschien nog afschuwelijker zijn de voorbeelden die Martel geeft van homoseksuele kardinalen die het kindermisbruik toedekten niet om de daders te beschermen maar om hun eigen seksuele geaardheid van de radar te houden.

De kerk verkeert in een merkwaardige spagaat. Homoseksualiteit is voor het overwegend homoseksuele instituut een onoplosbaar probleem zolang zij het als probleem ziet

Patrick Chatelion Counet

Spagaat

De kerk verkeert in een merkwaardige spagaat. Homoseksualiteit is voor het overwegend homoseksuele instituut een onoplosbaar probleem zolang zij het als probleem ziet.

Valkering roept op tot een ‘eerlijke kerk’. Een kerk die toegeeft dat het sacrament van het priesterschap (met de eis van celibaat) maar bijvoorbeeld ook het sacrament van het huwelijk (met het verbod van seksuele relaties vóór het huwelijk) in deze tijd voor jonge mensen onmogelijke eisen stelt. Is dat naïef? Ja. Het homoseksuele mannenbolwerk dat het instituut kerk is, zweert bij zijn conservatieve visie op homoseksualiteit, huwelijk, celibaat en het weren van vrouwen uit het ambt. Burgerrechtelijk gesproken is de kerk een vereniging die haar eigen regels mag stellen, vrouwen mag uitsluiten van de macht, homoseksuelen mag weigeren voor het priesterambt en overtreders van burgerlijke wetten in het kerkelijke strafrecht vrijuit mag laten gaan.

De RK Kerk pleegt schending van mensenrechten, van gelijke burgerrechten en van het recht op uitoefening van seksuele geaardheid. Daar komt ze mee weg omdat ze volgens het verenigingsrecht eigen regels mag stellen. Het is inderdaad naïef te denken dat de kerk op deze – ook in de ogen van veel christenen – áchterlijke punten ten goede keert. Maar ik deel deze naïviteit met Valkering en andere christenen.

Patrick Chatelion Counet was bijzonder hoogleraar Bijbel in de Nederlandse Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam en tot 2 juli 2020 secretaris van de Konferentie Nederlandse Religieuzen. Hij schreef De Deetman files. Misstanden rond het kindermisbruik (Parthenon 2020).