In de serie islamitisch feminisme gaat journalist Remco van Mulligen in gesprek met verschillende islamitische feministen over belangrijke kwesties in hun traditie, waarbij hij ook reflecteert op zijn eigen christelijke traditie wat hun verhalen met hem zelf doen.

De Women’s March vond plaats op 21 januari 2017, de dag na de inauguratie van Donald Trump als president. Zijn campagne dreef op vreemdelingenhaat, moslimhaat en vrouwenhaat. In vele steden, maar vooral in Washington, waren in totaal zeven miljoen vrouwen aanwezig bij dit protest tegen de nieuwe president.

Op Wikipedia staat dat de Women’s March is georganiseerd door ‘Linda Sarsour en anderen’. Dat zegt genoeg over haar statuur, ook al doet het de andere organisatoren tekort. Sarsour riep bij tegenstanders van het protest de felste reacties op. “De organisatie bestond uit een witte vrouw, een Mexicaans-Amerikaanse vrouw, een Afrikaans-Amerikaanse vrouw en ik, een Palestijns Amerikaanse. Van die vier koos rechts mij als doelwit. Hoe kon ik moslim met een hoofddoek zijn, en tegelijk feminist?”

Ze slaagde er telkens in om die negatieve aandacht om te buigen in haar voordeel. Ze stond in de spotlights en gebruikte dat om haar eigen verhaal te vertellen. Linda Sarsour heeft een uitzonderlijk talent voor activisme. Het eerste waar ik in dit interview benieuwd naar ben, is hoe ze zich als moslimvrouw staande houdt in die mediadynamiek van orkaankracht.

Hoe kon ik moslim met een hoofddoek zijn, en tegelijk feminist?

linda sarsour

Daarnaast is de combinatie van religie en activisme iets dat me boeit. Hoe ga je om met het risico dat het engagement de spiritualiteit overschreeuwt? Op welke manier put Sarsour inspiratie uit de islam? Tot slot spreek ik met haar over haar verhouding tot de islamitische gemeenschap. Is Sarsour ook activist in eigen kring?

Framing

Wat is jouw jihad? Die vraag stelt Sarsour aan het begin van We are not here to be bystanders, haar autobiografische boek dat vorig jaar verscheen. Ze vertelt over een van haar favoriete hadiths - verhalen over de profeet Mohammed. Iemand vroeg hem wat de beste vorm van jihad is. “Een woord van waarheid tegenover een tirannieke heerser of leider, dat is de beste vorm van jihad”, antwoordde de profeet.

Je zou deze hadith Sarsours levensmotto kunnen noemen. Dit is wat ze doet, bijna van nature. Maar toen ze in juli 2017 in een toespraak vertelde hoe deze uitspraak van de profeet haar inspireert, stond ze in het middelpunt van de belangstelling. De volgende ochtend explodeerde Sarsours telefoon. Op sociale media was ze trending topic omdat men haar ervan betichtte een heilige oorlog te willen voeren tegen Trump.

Een woord van waarheid tegenover een tirannieke heerser of leider, dat is de beste vorm van jihad

LINDA SARSOUR

Sarsour: “Ik had deze uitspraak van de profeet Mohammed - vrede zij met hem - in moskeeën al talloze malen gehoord. In mijn lezing vertaalde ik het woord jihad ook direct: inspanning, worsteling. Op deze manier wilde ik zeggen dat we niet bang moesten zijn voor Trump en dat we op hem zouden reageren met de waarheid. De aanwezigen accepteerden dat direct, omdat dit een gemeenplaats is in ons geloof. Maar in rechtse media is besloten dat jihad alleen kan duiden op ‘heilige oorlog’. Drie dagen lang ben ik op Twitter aangevallen. Het was een gevaarlijke tijd voor mij.”

In reactie op die aanvallen koos Sarsour de vlucht naar voren. Dat past bij hoe ze omgaat met tegengas. “Ik schreef een opiniestuk voor The Washington Post om uit te leggen wat jihad betekent. Dat is mijn manier om onbeschaamd moslim te zijn.”

Dat werkte verrassend goed. Veel media gingen zich verdiepen in wat jihad is en op Twitter deelden mensen onder de hashtag #WhatIsYourJihad verhalen over hun eigen religieuze doelen. Dit is iets wat moslims beter lijken te beheersen dan christenen: hoe houd je in een publiek debat het initiatief? Hoe zorg je dat, tegen de stroom in, je eigen boodschap op een positieve manier voor het voetlicht komt?

9/11

Sarsour beschrijft in haar boek hoe ze in 1999, negentien jaar oud, besloot een hoofddoek te gaan dragen. Ze zag zichzelf in de spiegel en het voelde goed. Tot die tijd zagen mensen haar weleens aan voor een Dominicaanse of Italiaanse. Met haar naam die niet heel ‘islamitisch’ klinkt en haar dikke Brooklynse accent, was ze niet direct te identificeren als Palestijns-Amerikaanse moslimvrouw.

Dat veranderde toen ze een hoofddoek ging dragen. Dat past bij haar identiteit, schrijft ze in haar boek: “In mijn leven streef ik ernaar de weg te volgen die de profeet Mohammed voor ons heeft uitgezet.” Ook na 11 september 2001, toen veel Amerikaanse moslimvrouwen uit angst voor maatschappelijke agressie besloten hun hoofddoek af te doen, bleef Sarsour bewust haar hoofddoek dragen. Zo wilde ze het goede in de islam representeren.

Linda Sarsour
Linda Sarsour: 'Voo rmij is de islam absoluut een feministische religie'© Kisha Bari

“Iedereen die gelovig is heeft verschillende middelen om zich te herinneren aan dat geloof en voor mij is dat de hijab”, vertelt Sarsour. “Het is ook een symbool voor anderen: zij zien direct dat ik moslim ben. De hijab is ook een symbool van nederigheid, bescheidenheid. We leven in een wereld waar vrouwen geseksualiseerd worden op grenzeloze wijze. Ik wil dat iemand me beoordeelt op mijn intellect en niet op basis van uiterlijk. Tegelijk steun ik het recht van vrouwen om te dragen wat ze willen. Als je als feminist boos wordt van een land als Iran dat vrouwen dwingt de hijab te dragen, moet je ook boos worden van Frankrijk dat vrouwen dwingt géén hijab te dragen. Dat ik een hijab draag is een eis aan de feministische beweging om consistent te zijn.”

In de twintig jaar na de aanslagen op de WTC-torens is de islam onderdeel geworden van polarisatie. Het geloof is gepolitiseerd. Als moslimvrouw met een hoofddoek kun je, net als in Nederland, negatieve reacties krijgen als je de straat opgaat. Voor een christen - en zeker voor een christelijke man - is nauwelijks te beseffen hoe dat voelt. Wat doet het met je geloofsbeleving?

Iedereen die gelovig is heeft verschillende middelen om zich te herinneren aan dat geloof en voor mij is dat de hijab

LINDA SARSOUR

Sarsour: “Vraag je een moslim wat hij of zij wil, dan zegt diegene: ik wil mijn geloof gewoon privé beleven. De straat op gaan en normaal zijn, zoals ieder ander. Ik wil niemand mijn geloof opdringen. Helaas lopen in de VS moslimvrouwen het risico op discriminatie en haatmisdrijven. Als ze een baan willen krijgen in een winkel moeten moslimvrouwen vaak werken in het kantoor, niet met de klanten.”

Deze tekst is een kort fragment van een uitgebreider interview. Het gehele interview is te lezen in de VOLZIN publicatie Islamitisch feminisme

Linda Sarsour is geboren in 1980 als oudste van zeven kinderen in een Palestijns-Amerikaans gezin. Ze groeide op in de New Yorkse wijk Brooklyn. Ze trouwde jong, op haar zeventiende, en heeft drie kinderen.

Na de aanslagen van 11 september 2001 werd ze maatschappelijk actief. Ze stond moslims bij die in de problemen waren gekomen door de strenge veiligheidsmaatregelen die in de VS gelden. Daarbij worden moslims vaak zonder reden etnisch geprofileerd. Sarsour was directeur van de Arabisch-Amerikaanse Associatie van New York (AAANY).

In 2017 was ze in één klap wereldberoemd als mede-organisator van de Women’s March tegen het seksisme en de xenofobie van Donald Trump. Time Magazine nam haar en haar mede-organisatoren op in de top-100 van invloedrijkste Amerikanen.