Anne Dijk groeide op in een protestants gezin en bekeerde zich veertien jaar geleden tot de islam. Sindsdien is ze actief betrokken bij de interreligieuze dialoog. Ze richtte onder meer stichting Fahm Instituut op, dat zich bezighoudt met een dieper begrip (fahm) van de islamitische traditie. Op een dagelijkse basis is Anne werkzaam als analist, strategisch adviseur, auteur en publiek spreker. Een gesprek over wat haar drijft en de vernieuwing die haar voor ogen staat.

Wat betekent vernieuwing voor jou persoonlijk?

“De dominante trend binnen de islam is om vernieuwing als iets slechts te zien. Dan gaat het vooral om vernieuwingen (bid’a) die afleiden van de religie. Terwijl je in de islamitische traditie ook mooie vormen van vernieuwing hebt, namelijk hernieuwing (islah of tajdīd): het nieuw leven inblazen van oud-islamitische principes en waarden zoals Mohammed die voorstond. Bijvoorbeeld het principe van gelijkwaardigheid ongeacht etniciteit, afkomst en gender. Dat is in de maatschappij als geheel, in de dialoog, maar ook onder moslims zelf, nog steeds urgent en relevant.

Het is onmogelijk bij een gevoel van gelijkwaardigheid te komen wanneer je in gesprekken blijft hangen op het niveau van religieuze opvattingen. We hebben dat echter lange tijd wel gedaan en het is nog steeds de trend: debatteren over hoe ‘de islam’ dit en dat ziet en hoe ‘het christendom’ daarin staat.

Daarom blijven we hangen in abstracte concepten die voor iedereen iets anders betekenen. We blijven langs elkaar heen praten en komen niet tot een dieper begrip van elkaar. We falen er structureel in te kijken naar de dieperliggende waarden die onder onze opvattingen en gedrag zitten, terwijl daar de sleutel tot die gelijkwaardigheid ligt.

Dat is de vernieuwing die mij voor ogen staat. We zullen op een andere manier met elkaar in gesprek moeten. Belangrijk is dat de waarden en drijfveren van waaruit we leven naar boven worden gehaald.”

Hoe ziet zo’n gesprek er concreet uit?

“Een voorbeeld van een belangrijke waarde voor mensen, ongeacht waar ze wonen, is respect. Maar hóé dat er precies uitziet kan enorm verschillen. Dat ontdekte ik al tijdens mijn middelbareschooltijd. Tijdens een pauze maakte ik voor het eerst nader kennis met een Japans meisje, dat als uitwisselingsstudent naar Nederland was gekomen.

Met vier andere vriendinnen gingen we theedrinken waarbij de Japanse vriendin enorm hard begon te slurpen.

De waarde die ergens onderligt kan hetzelfde zijn, terwijl de invulling die je daar vervolgens aan geeft compleet tegengesteld kan zijn

Anne Dijk

We schoten allemaal in de lach en zeiden: ‘Wat ben jij nou aan het doen?’ Ze werd helemaal verlegen en vertelde dat slurpen een teken van respect is, omdat je dan laat zien dat je de thee lekker vindt. Wij hadden de thee voor haar gekocht, dus als ze niet zou slurpen zou ze onbeschoft zijn. Wij legden op onze beurt uit dat het in Nederland juist onbeschoft is om wél te slurpen.

Zo zie je dat de waarde die ergens onderligt hetzelfde kan zijn, terwijl de invulling die je daar vervolgens aan geeft compleet tegengesteld kan zijn. Er zijn natuurlijk ook verwarrende of pijnlijke voorbeelden te geven. Zo’n gesprek over waarden zou daarom ook altijd moeten gaan over de vraag hoe we die tot uiting brengen.”

Hoe bereik je dat? Mensen gaan niet zomaar van de een op de ander dag op een heel andere manier met elkaar in gesprek.

“Eigenlijk zouden we in Nederland een meerjarenplan moeten hebben waarbij we focussen op een aantal universele waarden, zoals veiligheid en respect. We missen wat dat betreft verbindend leiderschap. Daarnaast geloof ik in het planten van individuele zaadjes.

Zo heb ik jarenlang meegewerkt aan dialoogweekenden in het klooster in Huissen. Tijdens die weekenden begonnen we met praten over elkaars opvattingen. Niet met het doel om die te begrijpen, maar als middel om elkaars context beter te begrijpen. We waren zo in staat om het gesprek op een dieper niveau te voeren.

Het klopt dat de mensen die zich hiervoor inschrijven er al voor openstaan, maar zij gaan ook weer de wereld in en hebben allerlei interacties. Er hoeft slechts één godsdienst- of maatschappijleerdocent aanwezig te zijn die zich in zijn of haar lessen niet meer focust op ‘de islam’, maar op mensen. Dat heeft al een enorme impact, want die kinderen gaan namelijk óók weer de wereld in. 

Wees niet reactief, beweeg niet mee met de grillen in de samenleving, want daarin ga je jezelf verliezen. Initieer zelf dingen, trek je eigen spoor

ANNE DIJK

Ik ben wat dit betreft erg kritisch op media. Zij hebben zo’n enorme invloed, maar blíjven nog te vaak framen en polariseren. Als ergens het goede voorbeeld gegeven kan worden van hoe je met elkaar in gesprek kunt gaan is het daar.

Helaas is het tegenovergestelde waar. De meeste media willen alleen debatten waar de tegenstellingen en opinies over tafel vliegen, in plaats van een gesprek te faciliteren waar alle partijen wijzer van worden. Ik heb het zelf meerdere keren meegemaakt dat ik in een format werd gedrukt waarbij geen ruimte was voor inhoud, nuance en de expertise die ik heb als wetenschapper. Ik weiger om daaraan mee te werken.” 

Is dat niet ontmoedigend? Dat de werkelijkheid zo gepolariseerd en weerbarstig is?

“Nee, want uiteindelijk creëren we de werkelijkheid zelf. Ik denk dat we te weinig beseffen hoeveel effect een individu op de werkelijkheid heeft. Zoals die docent die op een andere manier les gaat geven.

Moslims zelf kunnen een verschil maken. Bijvoorbeeld door veel strategischer te zijn. Gewoon weigeren als je als ‘de moslim’ ergens voor wordt gevraagd. Werk er niet meer aan mee! Ik besefte dit toen ik mijn zoontje van vier advies gaf over iemand die lelijk tegen hem deed. Ik vertelde hem dat hij dan moet zeggen: ‘Op deze manier wil ik niet met je spelen’. Maar ook ik mag op deze manier mijn grens aangeven. Je trekt je eigen grens, gaat de strijd niet aan maar je bent wel duidelijk.

Wees niet meer reactief, beweeg niet mee met de grillen in de samenleving, want daarin ga je jezelf verliezen. Initieer zelf dingen, trek je eigen spoor. De moslimgemeenschap is nog te reactief waardoor we uitgeput raken. We kunnen ons daarom niet strategisch focussen op de vragen die er echt toe doen, zoals het denken over een langetermijnvisie.”

Moslims zelf kunnen een verschil maken. Bijvoorbeeld door veel strategischer te zijn. Gewoon weigeren als je als ‘de moslim’ ergens voor wordt gevraagd. Werk er niet meer aan mee!

Anne Dijk

Is er genoeg eenheid binnen de moslimgemeenschap om die gedeelde langetermijnvisie te ontwikkelen?

“Nee. Daarvoor is niet zozeer een inhoudelijke als wel een organisatorische eenheid nodig. Veel moslims blijven binnen de gemeenschap gepolariseerd omdat ze focussen op de geloofsverschillen. Zo ontstaat er geen gedeelde grond voor een organisatorische eenheid. Op die manier zijn we ons innerlijk aan het verzwakken in plaats van ons te versterken.

Dat was een van de redenen waarom ik samen met anderen Fahm Instituut heb opgericht, om niet alleen in de maatschappij maar ook binnen de moslimgemeenschap te komen tot onderling respect – ondanks onze verschillende religieuze opvattingen. Met uitzondering van geweld, daar kan ik uiteraard geen respect voor opbrengen.

Het zou ook helpen als we af en toe onze mond eens hielden. Je hoeft niet overal wat van te vinden. Als je het ergens niet mee eens bent kan het veel sterker zijn om je mond te houden en er geen aandacht te geven, zeker in de politiek. Wat je aandacht geeft groeit.

We hebben een paradigmawisseling nodig, van reactief naar constructief, van defensief naar zelf initiërend. Dat is dé vernieuwing die we nodig hebben binnen de moslimgemeenschap. Niet vanuit kritiek, maar constructief vanuit een toekomstvisie. Daar komt die hernieuwing weer bij kijken, want hiervoor haal ik mijn inspiratie uit de islamitische traditie.

Anne Dijk
Anne Dijk: "We moeten een manier vinden waarbij de dialoog aansluit op de maatschappelijke thema’s"© Enis Odaci

Zo had Mohammed verschillende metgezellen die andere opvattingen hadden. Bovendien gaf hij in verschillende situaties verschillende meningen; zijn uitspraken hadden alles te maken met de context waarin hij zich bevond. Als je daarnaast kijkt naar de bloeiperiodes van de islam zie je dat er in die tijden veel diverse meningen waren; die intellectuele groei ging gepaard met een economische en maatschappelijke groei.

Dat laat duidelijk zien dat als we de diversiteit kunnen omarmen dit uiteindelijk ten goede komt aan de hele maatschappij. Ik denk dat we nu ook in zo’n bloeiperiode zitten. Je ziet dat de moslimgemeenschap binnen twee generaties enorm is gegroeid op intellectueel en financieel gebied. Moslims bevinden zich op allerlei plekken in de samenleving. Daarbij wordt de individuele groei meer en meer verbonden aan de gemeenschap. Ik ben kortom absoluut hoopvol over de toekomst van de islam in Nederland.”

Anderen zien juist tekenen van verharding en maken zich ernstige zorgen.

“Ik zie dat ook, maar je hebt de extremen nodig om uiteindelijk te kunnen nivelleren. Je ziet dat bij Black Lives Matter, dat is inderdaad gepolariseerd, maar het was nodig om de gematigde stem te kunnen horen en ernaar te willen luisteren. Ik ben ook bang dat het op korte termijn nog heftiger en gewelddadiger gaat worden, maar ik geloof dat we daar weer doorheen komen. Tegelijkertijd is de ellende die we nu ervaren nogal relatief. Als je kijkt naar de geschiedenis dan leven we op dit moment in West-Europa in de meest vredige periode ooit. Mensen leven veel gezonder en langer en er is nog nooit zo weinig geweld geweest als nu.”

Anderen geven aan dat de interreligieuze dialoog zo goed als dood is. Het zou te veilig en wereldvreemd zijn. Herken je dat?

“Er wordt te gemakkelijk gezegd dat we allemaal hetzelfde willen. Men gaat niet meer de diepte in, maar zoekt alleen nog maar naar verbinding. Terwijl échte verbinding niet tot stand komt zonder kwetsbaarheid. Dat betekent dat je eerlijk moet zijn over je opvattingen om vervolgens te gaan zoeken naar wat er onder die opvattingen ligt. Op deze manier kan een dialoog confronterend en pijnlijk zijn, maar dat is echt iets waar je doorheen moet.

Je moet je grenzen in de gaten houden en tegelijkertijd niet gaan pleasen – anders kom je nooit tot de kern. Ik denk ook dat het nodig is dat de interreligieuze dialoog vernieuwd wordt in de zin dat de dialoog breder wordt getrokken. Alleen focussen op omkaderde religies past niet meer in deze tijd.

Ik ben erg kritisch op media. Zij hebben zo’n enorme impact, maar blíjven steeds framen en polariseren

ANNE DIJK

We moeten een manier vinden waarbij de dialoog aansluit op de maatschappelijke thema’s. Dat kan via bezinningsweekenden, maar je kunt ook denken aan formats voor middelbare scholen of bedrijven. Diversiteitsbeleid is binnen bedrijven nu een groot thema, daar kun je prima een masterclass dialoog voor organiseren om de realiteit van de diversiteit beter te begeleiden.

Maar daarvoor is het echt nodig dat we álle vormen van diversiteit in het gesprek betrekken; etnisch, cultureel én religieus. Vergeet overigens niet dat we al een heel proces hebben meegemaakt in de interreligieuze dialoog. Toen het net opkwam deden de meeste mensen er vaak aan mee vanuit een soort zendingsdrang; zodat ze even goed konden vertellen hoe goed en mooi hun eigen religie was. Er zit nog ontwikkeling in, dus dood zou ik het niet willen noemen.”

In oktober komt je nieuwe boek, De verdragen van Mohammed met de christenen, uit. Waarom heb je het geschreven?

“Om een vertrekpunt te bieden voor dat gesprek over waarden. Ik geef achtereenvolgens de context van de verdragen weer die Mohammed in zijn tijd met de christenen aanging, een vertaling van die verdragen en gespreksvragen bij dit alles – om echt die teksten naar het hier en nu te trekken en het verdiepende gesprek aan te gaan. Over sommige verdragen is er twijfel over de authenticiteit, maar de elementen uit die verdragen komen wel in veel historische bronnen terug. Dus de inhoud van de verdragen is geloofwaardig.

Alles wat ik doe komt voort uit de holistische visie van de islam dat droge kennis niets waard is als je het niet kunt verinnerlijken en niet aan de maatschappij weet te verbinden. Zo hoop ik dat dit boek uiteindelijk ook de maatschappij dient. Mijn droom wat dit betreft? Het opzetten van een studie- en retraitecentrum, een soort ‘islamitisch klooster’. Een pluriforme, veilige plek voor studie, reflectie en contemplatie in Nederland. Dat zou echt fantastisch zijn.”

Paspoort

Anne Dijk (Utrecht, Nederland, 1986) is islamoloog, islamitisch theoloog en religiewetenschapper.

  • Is oprichter en voorzitter van stichting Fahm Instituut en onafhankelijk onderzoeker en strategisch adviseur vanuit Fikr Consultancy.
  • Is promovenda bij de Vrije Universiteit binnen het project Extreme Beliefs.
  • Houdt regelmatig publiekslezingen en treedt op in de media als deskundige op het snijvlak van islam, vrede, (vrouwelijk) leiderschap en maatschappelijke vraagstukken.
  • Binnenkort komt haar boek De Verdragen van de Profeet Mohammed met de Christenen van de Wereld; vertaling, inleiding en gespreksvragen uit bij Berne Media.